Ronald Meijers op zoek naar de ziel van de Zuidas

Oscar is met Ronald Meijers op zoek naar de ziel van de Zuidas.

Een systemisch onderzoek naar de werkcultuur en de mens die op de Zuidas leeft.

Dit interview rustig lezen?

De Zuidas. Berucht en beroemd. Maar waarom eigenlijk? Wat gaat er achter dit on-Nederlandse stukje Amsterdam schuil?

Ik ben Oscar. Systemisch coach. Als systemisch coach kijk ik naar het sociale DNA van een organisatie – of in dit geval van een werkgebied– de Zuidas. Welk relationeel weefsel is gezond? En waar storten mensen in? Waar loopt de informele werkcultuur spaak met de formele? En waar gaat de menselijke maat verloren in het behalen van het bedrijfsbelang? 

In dit systemisch onderzoeksproject ben ik op zoek naar de Ziel van de Zuidas. In een estafette nodig ik mensen op persoonlijke titel uit voor een kort gesprek over de werkcultuur en de mens die op de Zuidas leeft. 

In deze aflevering verwelkom ik Ronald Meijers in mijn huiselijke coachkamer op de Zuidas.

Ronald, welkom!

Dankjewel!

En leuk dat je er bent!

Ja.

Wat is je relatie met de Zuidas?

Nouja, ik woon hier. Of ik werk hier. Het is maar hoe je het bekijkt. Ik woon hier professioneel zou je kunnen zeggen. En verder heb ik hier veel klanten.

En als je zo hier op de Zuidas bent of woont in jouw woorden: Welk gevoel gaat er dan door jou heen?

Nou, dat hangt er erg vanaf. Het is niet per se zo dat ik een soort algemeen basisgevoel heb. Daarnet stormde het nogal. Dus dan is het gevoel anders dan op een zonnige zomerdag hè. Dus al was het maar omdat ik net echt belaagd werd door vliegende houten platen die uit containers kwamen want het is natuurlijk een heel tochtig –met name de Gustav Mahlerlaan– is een heel tochtige straat. Maar als je het in metaforische zin bedoelt. De Zuidas is een plek waar je op scherp staat. Waar je het beste van jezelf naar boven haalt. Waar je topprestaties levert. Het gevoel wat dat oplevert is een gevoel van concentratie. Een gevoel van alertheid.

En als je dan zo de Zuidas in een aantal kernwoorden zou omschrijven? Hoe zou je dat omschrijven?

Om te beginnen is het natuurlijk gewoon een serie gebouwen hè. Zoiezo om er iets meer van te maken dan een straat of een paar straten, twee straten, is natuurlijk metaforisch of symbool, zo je wil. De Zuidas is bovendien heel jong! En het is nog in ontwikkeling. En tegelijkertijd is het natuurlijk een metafoor voor een aantal bedrijven die tot de top in hun branche behoren en die met name ook internationaal tot de top behoren. Dus die combinatie van de top en internationaal en bedrijven. Aan de overkant heb je hier ABN Amro en APG. Er zijn natuurlijk wel meer banken in Nederland die tot de top behoren. Maar eentje daarvan zit dan toevallig op de Zuidas. En advocatenkantoren zitten hier. Maar ook niet alle topadvocatenkantoren zitten hier.  EY zit hier. Deloitte zit hier. Accenture zit hier. Als een paar voorbeelden. Het is wel een hoog gehalte van professionele dienstverlening. Dus het is vooral topsport. Je zou kunnen zeggen: het zijn de Oscars die hier worden uitgereikt. Dat zie je natuurlijk ook bijvoorbeeld met de M&A [mergers and acquisitions] award. Een beetje Wallstreet in Amsterdam zou je kunnen zeggen. Dus het is ook voor een aantal mensen natuurlijk een symbool of een symptoom van excessen, doorgeslagen salarissen bijvoorbeeld, doorgeslagen werkethos met alles wat ook bij topsport aan excessen langskomt. Sommige mensen moeten de spanning kwijt en gebruiken óf doping –en hier heet dat dan alcohol bijvoorbeeld– óf cocaïne. Maar er zijn manieren om je te ontladen of om je op te laden die niet per se gezond zijn. En dat heb je ook bij de top van de muzikale wereld bijvoorbeeld. Ik weet niet of je Bohemion Rhapsody hebt gezien? Hoe komt Queen uiteindelijk uit de startblokken en wordt het één van de grootste bands ter wereld? Dat is een heel mooi proces. De Zuidas is de plek waar je je thuisvoelt als je tot de grootste “bands” ter wereld behoort of wil behoren. En dat heeft leuke kanten en dat heeft minder leuke kanten!

En als je dan de mens op de Zuidas zou omschrijven? Heb jij een poppetje uitgezocht?

Ja ja ja. Ik heb eigenlijk vooral de ambitie die we zouden moeten uitstralen en die we ook serieus moeten nastreven, denk ik, als we, als Zuidasbewoners, want we hebben natuurlijk een chronisch gebrek aan diversiteit. Weliswaar zou je kunnen zeggen is het best internationaal. Afhankelijk van de organisatie. Maar ook bij Deloitte: Je ziet dat teveel vrouwen halverwege afvallen. Dat is ook bij advocaten-firma’s zo. Van de aangenomen mensen is bijna 50% vrouw. Lang niet altijd 50% by the way. Maar een zeer beperkt percentage –ergens tussen de 10 en de 20%– haalt dan het partnerschap, als je dat als de top wil beschouwen. Daar zit een patroon van factoren achter. Die niet per se gezond zijn. Mijn poppetje is een vrouw met een kleurtje. Wat de Zuidas leuk maakt is een beetje dat OSM [ons soort mensen] gevoel. Je weet dat er een aantal ongeschreven regels zijn waar je je aan moet houden. En die maken het dan leuk! Maar als je die ongeschreven regels niet kent, dan voel je je misschien niet zo snel thuis. Wat wordt hier van mij gevraagd? Wat is hier aan de hand? Nogmaals metaforisch hè. Want het is gewoon zondermeer zo dat de variëteit, ook op dit kleine stukje Nederland, natuurlijk nog veel te groot is om écht te kunnen generaliseren. Maar het kan wel wat kleurrijker. Het kan wel wat diverser. Dat moeten we serieus nemen. Kijk. Ik denk dat we –als bewoners van de Zuidas– “alles wat niet rechtstreeks aan succes bijdraagt” serieus nemen, [dat] vinden we moeilijk. Ik weet niet of je het onlangs hebt gezien maar NRC heeft een poging gewaagd om de maatschapsvoorzitters van de top 5 advocatenkantoren zover te krijgen om met een ethica te praten. Ze weigerden! Er was er één die dan nog wel geïnterviewd wilde worden. Maar níet met die professor erbij. Je ziet: moraliteit is ingewikkeld! Dus dit staat voor mij ook symbool voor het feit dat: ook purpose hoort op de Zuidas! Ook moraliteit hoort hier thuis! Het ìs er zoiezo. Je kunt niet nét doen alsof moraliteit er níet toe doet. En dat doen we wel! Dat zie je overigens ook wel bij andere delen van de maatschappij waar het gaat om de top bereiken. Daar is het concurreren, de competitie, zó cruciaal. Je lijkt geen tijd te hebben voor iets anders. Je hoort vaak dat topsporters héél egocentrisch zijn. Geen tijd voor andere afwegingen dan zorgen dat je iedere dag weer de top performance neerzet waarvan je denkt dat die van je verwacht wordt. En waarvan je ook weet dat als je die levert, dat die je weer een stapje verder brengt. En ik ben er diep van overtuigd dat dat voor een deel ook een product is van angst. Daar moeten we ook wat aan doen.

In ons persoonlijk leven hebben we vaak iets te leren en daar doen we dan, nouja, een leven lang over als het ware. De ziel van de Zuidas, stel dat die in ons allemaal zit, die heeft dan ook iets te leren. Heb jij een idee van welke kwaliteit van leven hier over het hoofd wordt gezien op de Zuidas?

Ja! Nou, ik denk dus: moraliteit. Dus het feit dat hét ertoe doet waaróm je dingen doet. En hòe je dingen doet. Dat niet het doel de middelen heiligt. Je ziet dat die rücksichts-loosheid, zou je kunnen zeggen, die ééndimensionele focus op succes. Die is niet per se gezond.

Want?

Nouja. Ik denk dat dat slecht voor je ziel is. Dus het is slecht voor je ziel om je níet af te vragen of wat je doet wel deugt! En je kunt zeggen van nou, bijvoorbeeld, we zijn met z’n allen hier heel erg klantgericht, zeker als je dienstverlener bent, dus je klanten zijn je patroon, maar daar zit natuurlijk een onderliggende spanning. Het is niet zo dat het een goed idee is dat het centraal stellen van de klant, dat dat helpt. We weten van organisaties die op de lange termijn aantrekkelijk, gezond en succesvol zijn, dat ze geen enkele stakeholder per definitie superieur maken. Ze vinden medewerkers net zo belangrijk als de klant. Net zo belangrijk als de maatschappij. Net zo belangrijk als de aandeelhouder. Net zo belangrijk als de partner, partij, toeleverancier waar ze mede van afhankelijk zijn. Dus het gaat erom: Je kúnt niet op voorhand zeggen welke mensen belangrijker zijn. Per definitie. Als je dat doet, maak je je tot een slaafje van die mensen. Dus kan je je niet meer gelijkwaardig opstellen. Natuurlijk is het zo dat de klant van jou mag verwachten dat je zijn of haar belangen serieus neemt. En dat je daar je best voor doet om die te realiseren. Maar andersom is hetzelfde. De klant mag óók, moet ook zich realiseren dat ík, bijvoorbeeld, als dienstverlener, heb òòk belangen. Ik heb ook behoeften. Ik ben ook een mens. Dus als wij een partnership willen, wat wij heel vaak roepen, dan is die gelijkwaardigheid in het begin al cruciaal. Die krijg je niet als je de klant tot keizer, koning of in elk geval tot centrum van je aandacht maakt. Dus die klant-gezwichtheid, zo noem ik het vaak, die is ongezond. En die is ook niet nodig.

Want wat is de prijs daarvan?

Nou, de prijs is dat je dus dingen zou kunnen gaan doen –en dan kun je je verschonen door te zeggen van “ja, ik adviseer slechts” of aan dingen meewerken die het mogelijk maken waarvan je eigenlijk weet dat die in strijd zijn, bijvoorbeeld, met het bredere of een maatschappelijk belang. Dan kun je zeggen: Ben jij daarvan? Ja. Daar ben je van, vind ik. We zijn allemaal om te beginnen gewoon wereldburger. En we moeten met z’n allen zorgen dat die hele wereld een beetje gezond blijft voor iedereen. En voor onze kinderen. [Dus] als je dan een belang centraal wil stellen, is het dát wat mij betreft. En niet het zakelijke. Het zakelijke is uiteindelijk een afgeleide ervan. Het zakelijke is ervoor bedoeld om diepe, fundamentele menselijke behoeften te vervullen. Dus áls er dan een hiërarchie is, dan niet díe. De kunst is om iedere keer de spanning die dat oplevert, die die afweging oplevert, om die te ervaren en niet uit de weg te gaan. Dat hoort erbij! Er is een spanning tussen –soms, soms ook niet hoor– tussen financieel gewin en het goede doen. Tussen welvaart en welzijn. Of tussen gezondheid en succes. En de kunst is, denk ik, om te snappen dat dat zo is. En niet nét te doen alsof het één belangrijker is dan het andere. Het is ook niet zo dat het altijd slecht is om voor het financiële te kiezen. Dat is ook onzin. Dus mijn punt is dat, als je het hebt over leren, als Zuidas-biotoopje, om dat beter te doen en daar niet voor weg te lopen, dan denk ik dat dat goed zou zijn. Overigens is daar een medewerking van het publiek bij nodig. Dus –zonder dat ik mij daarvan afhankelijk wil maken. Kijk, ik noemde net al het woord angst. Waarom mengen zo weinig CEOs, in dit geval maatschapsvoorzitters, zich in het publieke debat? Ze hebben er niks mee te winnen! De kans dat ze iets zeggen wat in het belang van hun eigen succes is of in het belang van hun klant, is niet zo groot. De kans dat ze iets zeggen wat tegen ze wordt gebruikt is best groot! Want je staat op een podium –een voetstuk– en de maatschappij betoont zich dan niet altijd even barmhartig. Want ja, je verdient al heel veel. Je hebt een grote bek. Je bent al zo’n elitair figuur. Dus je mag ook keihard worden aangepakt! Dat zie je rondom roddelbladen ook met royalties bijvoorbeeld. Omdat je nu eenmaal een publiek figuur bent, heb je geen privacy meer. Dus de angst voor de media of voor de publieke opinie is natuurlijk ook vaak wel terecht gebleken. Dus als je wil dat er een dialoog ontstaat, dan moet je aan meerdere knoppen tegelijk draaien. Dus ik denk –en dat gesprek ánders organiseren– dat is best ingewikkeld. Ik denk dat het de moeite waard is! En ik denk dat het de enige manier is om het wij-zij of het fout-goed paradigma te doorbreken. Maar het zal niet simpel zijn!

En als er iets is dat op de Zuidas wél al begrepen wordt? Wat ìs dat dan?

Nou, wat er wél wordt begrepen is dat als je met volledige toewijding je vak beoefent en daar gewoon ook offers voor wil plegen –gewoon de beste wil [zijn]– en het leuk vindt om op scherp te worden gezet en op het scherpst van de snede te debatteren, te discussiëren en te presteren, dan kunnen er hele mooie dingen gebeuren. En dan is het ook zo dat je daar ook mateloos voor beloond wordt. En ze vragen dan: Waarom zijn die tarieven zo hoog? Ja, waarom betaal je voor het concertgebouw meer dan voor de lokale kantine? Waarom betaal je voor het kijken naar Messi zo belachelijk veel? Waarom is het de moeite waard om voor Coldplay 140 euro af te tikken als je in de arena wil staan? Waarom? Omdat die gewoon stinkend goed zijn! En dat verschil tussen die mensen die héél erg goed zijn en mensen die óók wel okay zijn en ook wel goed zijn, is vaak helemaal niet zo groot. Maar het is wel heel veel waard om daarvan deel te mogen uitmaken of dat te mogen inhuren of daarvan getuige te mogen zijn. En wat je denk ik hier wel voelt is: de hele cultuur is er wel op gericht om topprestaties mogelijk te maken. Dat is ook wel heel leuk! Dus die onbarmhartigheid die daar óók bij hoort, heeft ook iets positiefs. Dus het niet altijd te lange tenen. Niet altijd té gevoelig! Niet over, niet voor elk krasje lopen piepen en mauwen. Gewoon doorzetten! Leer wat incasseren en ga door! Dat verhogen van dat incasseringsvermogen, wat nodig is om je topprestaties te leveren, dat vind ik ook wel weer gaaf! Het moet niet doorslaan in meedogenloosheid maar een vorm van hardheid en niet weglopen en geen excuses accepteren, dat vind ik wel prettig! Mensen die altijd lopen te piepen “Ja, ik kan er ook niks aan doen want de brug stond open!” Ja, daar krijg ik de kriebels van! Daar krijg ik jeuk van, weet je wel. Dan denk ik van “Ja, ga dan eerder weg! Want je weet dat die brug open kan staan!” En die cultuur hier is wel “Als je weet dat de brug open staat, ga dan maar eerder weg!” want ook als die brug openstaat als jij er toevallig langswil, dan is dat méde jouw verantwoordelijkheid. Ja…Ja! Als je de top wil bereiken, dan moet je zó denken. Dan moet je zo min mogelijk aan het toeval overlaten. Tot het gaatje wíllen gaan. En dat ook gaaf vinden! Dus je moet ook je rust nemen. Dat hoort er ook bij. Dat is niet altijd makkelijk. We weten dat van heel veel stress krijg je geen burn-out. Maar wel van een gebrek aan opladen. En dat zie je natuurlijk wel. Dat zie je topsporters ook goed doen. Maar die kunnen ook overtraind raken. Dat is hier wel ingewikkeld! Wanneer is het nou okay om even rust te nemen? Mijn overtuiging is dat je dat niet alléén maar in je vakantie moet doen. Dat moet je leren tijdens je werk te doen. Even op adem komen. Je moet even een mini-break nemen van vijf minuten. En dat is ook goed voor je brein. Dat weten we ook! Het is goed voor je prestaties. Dus gewoon maar doorbuffelen, dat is niet per se een goed idee. Dus de theorie die er wel degelijk is van topprestaties leveren, die is hier nog niet altijd even doorgedrongen. Je ziet het monomane van “Ik ben goed in m’n vak”. Dat wil niet zeggen dat men altijd even openstaat voor andere vakken. En dat zie je bij professionele dienstverleners in de breedte wel. Dat zou de hele Zuidas onwijs veel goed doen! Als ze meer open zouden staan voor de wijsheid van andere disciplines. Bijvoorbeeld de wetenschap van “Hoe organiseer je nou een groep mensen optimaal? Hoe geef je optimaal leiding?” Want eerlijk gezegd: leiderschap, daar hebben ze hier echt de ballen verstand van! En niet alleen hier overigens, hè, maar het leiderschap is natuurlijk vaak, wordt gegund aan mensen die de beste in hun vak zijn. En we weten dat dat een slecht idee is in principe. Maar we doen het wel! We hebben namelijk geen alternatief! En je ziet het ook bij, in partnerships in het algemeen, maar ook bij ons: het draagvlak vantevoren is dan bepalend voor de vraag of je überhaupt een kans maakt. Terwijl het draagvlak wat je nú hebt gebaseerd is op hoe je nú als professional opereert. Niet per se of je geschikt bent voor het zijn van maatschapsvoorzitter bijvoorbeeld of van managing partner. En daar doorheen komen is niet zo simpel. Dat zou héél erg helpen! Dus als je dan de top wil bereiken, sta dan ook open voor de top in andere disciplines! Ingewikkeld!

En als we dan zo het gesprek samenvatten: Wat kunnen we dan over de ziel van de Zuidas zeggen?

Nouja, ten eerste dat het een metafoor is. En dat de ziel van de Zuidas niet bestaat. Het is een on-affe straat! Het is sinds 1998 een beetje in ontwikkeling! Er is ook niet sprake van een community. Het is zoiezo fictie om van de ziel van de Zuidas te spreken. Als je dan je probeert voor te stellen “Als wat is het metaforisch gesproken?” Dan is het toch in essentie een hoog presterend klimaat. Dus het gaat hier om zo goed mogelijk worden in datgene wat je al goed kan. En als je dát gaaf vindt, dan is het hier best leuk toeven. Een hele set aan ongeschreven regels die te maken hebben met “gewoon ervoor gaan”, óók om jezelf kunnen lachen, dus incasseringsvermogen. Dus er zit ook wel een bepaalde humor in als het goed is. En natuurlijk doorgaans gaan mensen hier goed gekleed. Dat helpt ook! Dat heeft ook iets!

Zeker!

Dat geeft cachet. Hoewel het gelukkig gerelativeerd wordt! Je ziet, ik heb ook geen pak aan. Een das: ik ben toch wel blij dat dat verdwenen is, grosso modo! Niet overal. Aan de dresscode zie je dat de cultuur ook aan het verschuiven is. Dat is leuk! Het beweegt: van extreem formalistisch naar als-je-maar-smaak-hebt-dan-mag-er-veel. Het moet wel een beetje smaakvol blijven! Maar je moet het ook niet gaan voorschrijven. Dat vinden mensen heel vervelend. Maar dan is de Zuidas wel een biotoop waar het goed toeven is voor mensen die topprestaties willen leveren; en [mensen] die het niet erg vinden daar offers voor te plengen, inclusief, soms, de kritiek of de hoon of de vooroordelen van “de toeschouwer” die de Zuidas als een soort van hét symbool van wat er mis is met de samenleving, ziet. Tot op zekere hoogte kan ik dat ook zo volgen. Ik denk dat het zijn van een elite betekent niet dat je je elitair moet gedragen. Dat is iets anders. De zogenaamde kloof, die is er ook écht. Die bubbel waar je dus deel van uit kan maken als je op de Zuidas rondloopt, die maakt nou juist dat het zo nodig is om het besef van die belangenafweging voortdurend te hebben. En moraliteit niet als luxe voor en/of privé-problemen te beschouwen. Je ziet echt bizarre voorbeelden van mensen die –zeg maar de hardste professional zijn en echt op het immorele af financieel doorpakken en anderen helemaal klemzetten en alles voor zichzelf optimaliseren en iedereen te slim af zijn, echt snoeihard, meedogenloos– en die dan in hun privé-tijd voorzitter zijn van de kerkeraad en daar preken dat het om mededogen en mensenlievendheid gaat. Die splitsing van die twee zielen is niet gezond. Ik geloof ook dat de biotoop die zich openstelt, veel meer levensvatbaarheid heeft dan iets wat zich afsluit. We weten dat entropie, oftewel chaos, oftewel zelf-destructie het gevolg is van je afzetten of afsluiten van je omgeving. Dus ik denk dat het isolationistische, simplistische denken over “De klant is de koning, de keizer en de admiraal”, dat is niet gezond. We moeten de moraliteit een plek geven!

En heb jij iemand uitgekozen aan wie je het stokje wil doorgeven?

Ja!

Bedankt Ronald!

WIL JE MEEDOEN?

Ben je uitgenodigd? Heb je interesse om te sponsoren? Bekijk en download onder meer informatie.

MEER WETEN?

E-mail me op oscar@westravanholthe.com of bel en/of whatsapp me direct op +31 (0) 616261381.

One thought on “Ronald Meijers op zoek naar de ziel van de Zuidas

Comments are closed.