Olivier Otten op zoek naar de ziel van de Zuidas

Oscar is met Olivier Otten op zoek naar de ziel van de Zuidas.

Een systemisch onderzoek naar de werkcultuur en de mens die op de Zuidas leeft.

Dit interview rustig lezen?

De Zuidas. Berucht en beroemd. Maar waarom eigenlijk? Wat gaat er achter dit on-Nederlandse stukje Amsterdam schuil?

Ik ben Oscar. Systemisch coach. Als systemisch coach kijk ik naar het sociale DNA van een organisatie – of in dit geval van een werkgebied– de Zuidas. Welk relationeel weefsel is gezond? En waar storten mensen in? Waar loopt de informele werkcultuur spaak met de formele? En waar gaat de menselijke maat verloren in het behalen van het bedrijfsbelang? 

In dit systemisch onderzoeksproject ben ik op zoek naar de Ziel van de Zuidas. In een estafette nodig ik mensen op persoonlijke titel uit voor een kort gesprek over de werkcultuur en de mens die op de Zuidas leeft. 

In deze aflevering verwelkom ik Olivier Otten in mijn huiselijke coachkamer op de Zuidas.

Olivier! Welkom. Leuk dat je er bent.

Vind ik ook!

Wat heb jij met de Zuidas voor de kijkers die jou niet kennen?

Nou, ik vind het een tof gebied. Ik werk hier al een hele tijd. Ik ben betrokken bij de ontwikkeling van het gebied. Ik zie het iedere dag veranderen. En dat geeft me gewoon een enorme kick.

En hoe lang werk je hier al?

Nu inmiddels zo’n 12 jaar.

En als je dan hier op de Zuidas bent, wat gaat er dan door je heen? Welk gevoel krijg je erbij?

Wel energie eigenlijk. Of je nou ‘s ochtends in de spits hier rondwandelt met al die stromen van mensen die hier bewegen. Of in het zonnetje zit in de zomer om 12 uur in het park. Er is voortdurend leven om je heen. Het verandert. Het staat nooit stil. Het is misschien wel een beetje niet-Nederlands.

Wat is er niet-Nederlands aan?

Nou, dat zit ‘m deels denk ik in de typische gebouwen die we hier hebben. Dat lijkt natuurlijk helemaal niet op Amsterdam. En dat zit ‘m in de grote pleinen die we hier hebben. Dat er geen directe wegen doorheen stromen. Dus er is veel langzaam verkeer: voetgangers, fietsen. Maar het zit ‘m ook in alle neon en signing van bedrijven die hier zitten. Ja, het heeft ook wel iets Rotterdams in dat opzicht. Maar verder kom ik dat in Nederland niet tegen.

En een gebouw of een gebied heeft soms ook een bepaalde energie. Welke kernwoorden karakteriseren voor jou de Zuidas?

Het eerste woord wat bij me opkomt is “Ambitie”. Je merkt dat die bevlogenheid of die gedrevenheid of je zou het misschien zelfs idealisme kunnen nomen, dat die terug te vinden is in allerlei verschillende lagen hier van de populatie. Wij hebben zelf ons werk in het WTC. En als we daar gaan lunchen, dan horen we allerlei talen om ons heen. Dus het internationale aspect is ook wel iets dat me gelijk te binnenschiet. Maar de bodem is dan toch wel weer Amsterdams.

En hoe zou je de mens op de Zuidas omschrijven? Heb jij ook een poppetje uitgezocht?

Ja! Ik vond het best wel een lastige. Want in mijn ogen is er niet één mens op de Zuidas of één type Zuidasser. We hebben sinds een aantal jaren nu heel veel bewoners op de Zuidas. We hebben mensen die hier studeren. Die hier werken in een middelgroot bedrijf of in een groot bedrijf. Of als kleine ondernemers. Als kleine zelfstandige. Dus er is wat mij betreft niet één typische Zuidasser. Maar in de wereld waar ik zélf zit, zeg maar, daar gaat het heel erg om de gebiedsontwikkeling. Verandering. De stedenbouw. En daarom heb ik eigenlijk dít poppetje gevonden. Eigenlijk een bouwvakker.

En wat karakteriseert dat poppetje?

Overlast en hinder! Dus dat is het slechte nieuws. Maar ook vooruitgang en ontwikkeling. Als je hier drie maanden niet bent geweest, dan is er alweer iets nieuws gestart of afgerond. Een nieuwe winkel. Of een nieuw gebouw. Of een nieuw hotel. Of een nieuwe ontmoetingsplaats. En dat krijgen we niet met z’n allen voor elkaar zonder dat er heel veel mensen daar de schouders onder zetten. En daar zijn ook dit soort mensen nodig. Zowel de beleidsmakers als uiteindelijk de aannemers en de bouwers.

De ziel van de Zuidas, die heeft vaak iets te leren. Stel dat die ziel nou eigenlijk in ons allemaal zit en dat we allemaal deel van die ziel zijn en dat we allemaal verschillende energieën van die ziel oppiken: wat denk jij dat de ziel van de Zuidas nog heeft te leren? En welke kwaliteit van leven wordt hier tot nu toe over het hoofd gezien?

Ik denk dat wij gewoon best wel opmerkzaam moeten zijn dat we niet als een soort van eiland verder ontwikkelen. Maar dat we eigenlijk zowel fysiek maar ook geestelijk de verbinding houden met onze moederstad Amsterdam, waar we deel van uitmaken.

En wat is het verschil?

Nou, voor mij is het wel een beetje “nieuw en oud”. Het oude centrum is misschien wel de grachtengordel. Er is natuurlijk best wel wat protest en commentaar op met de overload aan toeristen en de onbetaalbaarheid van huizen. In mijn ogen zitten wij eigenlijk misschien wel een beetje in het nieuwe centrum van Amsterdam. Amsterdam is een stad die natuurlijk groot geworden is in de 17de eeuw. En dit stuk stad is aan het opgroeien eind 20ste eeuw, maar vooral in het begin van de 21ste eeuw. Alleen dat nieuwe centrum dat is eigenlijk ontstaan vanuit vooral een internationale kantorenwijk. En stedenplanners halverwege de jaren ’90 hadden al voor ogen om dit een gemengd gebied te maken. Mixed use. Dus ook bewoners en ook studenten. Alleen in de ontwikkeling zien we dat eigenlijk de kantoorontwikkeling vooruit is gegaan aan de ontwikkeling van de woningbouw. En die komt nú op gang. Die komt nú op stoom. Dus die twee moeten elkaar dus eigenlijk wat meer vinden. Want in het oude centrum was ‘t vooral een combinatie van de handelsgeest van Amsterdam om de goederen. Daar zijn we groot mee geworden. En hier gaat het natuurlijk meer om de handelsgeest van professionele dienstverlening. De advocatuur. Banken. En adviesproducten. Maar de menging met het wonen, dat is nog niet geheel. Dat is nog niet klaar. Niet af. In dat opzicht zijn we op weg naar een volwaardig nieuw centrum, maar we zijn er nog niet!

En als we kijken naar de Zuidas, wat hebben we hier wél al begrepen?

Ik denk dat het voor heel veel mensen een bepaalde magneet is. Om hier te werken. Om hier deel uit te maken van een tribe of een community. Ik denk dat er heel veel bedrijven zijn die een bewuste keuze hebben gemaakt omdat zij zien dat ook nieuw en jong talent op deze dynamische plek wíl zitten, waardoor ook bepaalde bedrijven niet achter kunnen blijven ten opzichte van hun concurrenten. Kijk, we zijn ooit groot geworden min of meer toen ABN Amro heeft besloten om hier haar hoofdkantoor te vestigen. Dat is een enorme versneller geweest. Die kwaliteit die daar destijds is gemaakt, dat bastion, dat kasteel, met die grachten eromheen, zeg maar, ABN Amro, heeft ook wel de lat gelegd misschien wel voor de rest van de stedenbouw van dit gebied. En ik denk dat als je hier om je heenkijkt, dat er heel veel bijzondere architectuur te zien is, waar ook weer die andere bedrijven zich toe aangetrokken voelen. Dus ik denk de hoge kwaliteit die we leggen op het ontwerp van dit nieuwe stuk stad, heeft een bepaalde aantrekkingskracht op bedrijven gehad. En die topbedrijven in hun sector, die hebben op hun beurt weer een bepaalde aantrekkingskracht richting de arbeidsmarkt en richting hun klanten. De mate van kwaliteit die er ligt in het ontwikkelen van dit stuk stad –en dan gaat het om stedenbouwkundige visie, dan gaat het ook om het type architectuur– brengt ook weer andere kwaliteiten met zich mee. Dus als je het hebt over bezieling, dan zijn misschien de gebouwen in itself, die materialen zijn niet bezield, maar hun originators, degenen die ze ooit bedacht hebben aan de tekentafel, die wel! Dus ik denk dat een deel van de bezieling van het gebied zit ‘m ook in de creativiteit van de geesten die hier ronddwalen. En dat zit ‘m dus zowel in de workforce, mensen die hier gewoon iedere dag met plezier naar hun werk gaan, maar óók in de planners van het gebied. Die komen hier eigenlijk heel mooi samen. En ik merk zelf dat er ook wel een spanningsveld is tussen de beeldvorming, hoe “Zuidas” weleens wordt geportretteerd in media en de beeldvorming die mensen hebben als ze hier gewoon eigenlijk iedere dag of iedere maand een keer op bezoek komen. Daar is een bepaalde discrepantie.

En wat is die discrepantie dan?

Ik denk dat –zonder de media tekort te doen– dat ze altijd wel vaak op zoek zijn naar scoops of proberen partijen uit te vergroten. En wat ik merk is dat dan het feit, als hier bijvoorbeeld een bepaald bedrijf zit en iemand heeft daar een topinkomen, dan is het niet meer als ware dat dat bedrijf bereid is om dat topinkomen te geven, maar de Zuidas! Omdat dat bedrijf hier toevallig zit! Maar er zijn hier wel 700 bedrijven. Dus als één bedrijf ervoor kiest om iemand een miljoenenbonus te geven, dan is het in de krant al vaak dat “iemand op de Zuidas die miljoenenbonus heeft gekregen”. Als ware het gebied heeft die persoon dat cadeautje gedaan. Maar dat ìs natuurlijk helemaal niet zo! Het is een bepaalde werkgever met een bepaalde structuur, met een raad van commissarissen en een accountant, die het blijkbaar billijk vonden dat iemand heel veel geld verdiende. Maar ik geloof niet dat het feit dat dat bedrijf hier staat, de reden is van die bonus. En toch is “Zuidas” zeg maar zo’n sterk merk geworden, dat ook de media vaak dat sterke merk gebruiken om bepaald gedrag aan iemand te linken. En ik denk dat dat niet helemaal terecht is!

En wat denk jij dat de kracht van de Zuidas is?

Ik denk dat de ligging van het gebied een hele belangrijke is voor de aantrekkingskracht. De nabijheid van Schiphol. De nabijheid van Amsterdam. En de nabijheid van Amstelveen. Een universiteit. Een ziekenhuis. Een kunstacademie. Die hebben we allemaal eigenlijk op loopafstand. Dat maakt het heel erg krachtig. Maar het zijn natuurlijk uiteindelijk de mensen die het gebied maken. Dus als die organisaties, zeg maar, flexibel zijn en blijven om mee te ontwikkelen in de tijd, dan denk ik dat we eigenlijk in een heel enorm krachtig gebied zitten.

En als we dan zo het gesprek samenvatten: Wat kunnen we dan over de ziel van de Zuidas zeggen?

Ik denk dat de ziel in ontwikkeling is. Ik had het eigenlijk over bruggen slaan met Amsterdam en de rest van de stad, het helen met Amsterdam. Maar ook het helen door het gemengde karakter. Daar zijn we nog maar een puber in dat opzicht! Dus ik denk dat we gewoon eigenlijk in een spannende fase zitten die misschien nog wel 10-15 jaar aanhoudt, waarbij de ziel verder ontdekt gaat worden.

Leuk! En ik heb nog één vraag. Aan wie zou jij het stokje willen overgeven?

Nou, ik zou hem eigenlijk heel graag willen overgeven aan iemand die ik heel goed ken en dat is Maartje Oome. Die werkt al een aantal jaren voor de Green Business Club. En die is ook hoofdredacteur van het Duurzaamheidsverslag Zuidas. En ik weet dat zij staat te popelen om hier in deze stoel plaats te nemen!

Als jij een kaartje aan haar kan schrijven?

Jazeker!

Bedankt!

WIL JE MEEDOEN?

Ben je uitgenodigd? Heb je interesse om te sponsoren? Bekijk en download onder meer informatie.

MEER WETEN?

E-mail me op oscar@westravanholthe.com of bel en/of whatsapp me direct op +31 (0) 616261381.

One thought on “Olivier Otten op zoek naar de ziel van de Zuidas

Comments are closed.