Anton Meester op zoek naar de ziel van de Zuidas

Oscar is met Anton Meester op zoek naar de ziel van de Zuidas.

Een systemisch onderzoek naar de werkcultuur en de mens die op de Zuidas leeft.

Dit interview rustig lezen?

De Zuidas. Berucht en beroemd. Maar waarom eigenlijk? Wat gaat er achter dit on-Nederlandse stukje Amsterdam schuil?

Ik ben Oscar. Systemisch coach. Als systemisch coach kijk ik naar het sociale DNA van een organisatie – of in dit geval van een werkgebied– de Zuidas. Welk relationeel weefsel is gezond? En waar storten mensen in? Waar loopt de informele werkcultuur spaak met de formele? En waar gaat de menselijke maat verloren in het behalen van het bedrijfsbelang? 

In dit systemisch onderzoeksproject ben ik op zoek naar de Ziel van de Zuidas. In een estafette nodig ik mensen op persoonlijke titel uit voor een kort gesprek over de werkcultuur en de mens die op de Zuidas leeft. 

In deze aflevering verwelkom ik Anton Meester in mijn huiselijke coachkamer op de Zuidas.

Welkom Anton!

Dankjewel.

Wat is jouw relatie met de Zuidas?

Ik heb hier 30 jaar gewoond op de Zuidas als één van de weinige bewoners. En gewerkt. Dat was tegenover de VU op de dr. Alma werktuinen-school. Daar heb ik tienduizenden kindertjes een natuur-educatief programma gegeven. En zo heb ik de hele Zuidas zien bouwen. En ben je hier dan elke dag? Vaak. Mijn vrouw, die is beeldend kunstenaar en wij hebben hier vaak onze afspraken. En door mijn betrokkenheid en bemoeienis met de Zuidas heeft er ooit een keer iemand geroepen: “Ja, Anton Meester, die, dat is onze burgemeester van de Zuidas.” Nou, dat mag.

En wat gebeurt er bij jou als je hier bent?

Eigenlijk gebeurt er een beetje hetzelfde wat mijn vrouw en ik vaak tegen elkaar zeggen als we naar huis fietsen en we zien dan de toren van de Urbanuskerk. Dan kijken we over de poel. En dat geeft zo’n thuisgevoel. Dat geeft een héél warm gevoel. Wat jammer is dat ik al die prachtige gebouwen die binnen de architectuur zijn gebouwd, die heb ik allemaal zien inkapselen door het volgende mooie gebouw. Oja. En dat moet ook treurig zijn voor de architecten die ooit een unica hebben neergezet. En dan na een paar jaar –en dat gaat hard hoor, dat bouwen hier– staat er een gebouw voor hun mooie gebouw. Dat moet diep tragisch zijn voor de architecten. Maar goed, zo ervaar ik dat ook wel. Dat ik denk van: “Oh, maar ík heb in mijn geestesoog; heb ik ‘m nog solitair zien staan.”

En als je dan zo hier in de omgeving bent, dan kan je soms ook zeggen dat een gebied een bepaald karakter heeft. Wat zijn dan kernwoorden waarvan jij zegt “Nou, dat typeert voor mij de Zuidas?”

Wat mij prikkelt en één van de kernwaardes voor míj is, is dat mensen mét hun omgeving de verbinding aangaan; met de medebewoner, want daar komen d’r steeds meer van. Het is een beetje een dorp, de Zuidas. En het is natuurlijk een geweldig goed geprogrammeerde zet van de Gemeente Amsterdam om de combinatie te maken tussen wonen en werken. En we zullen dat ook meemaken dat binnen vijf jaar is ook in het weekend veel meer reuring. En het is spannend. Ambitieus. De ambtenaren hier, die bezig waren de Zuidas te ontwikkelen, hadden hetzelfde ambitieniveau als ik. Gewoon kwaliteit. Echt gewoon een topprestatie afleveren. En dat merk ik bij een heleboel mensen hier die gewoon gaan voor de top. Voor het beste wat je uit jezelf en uit je omgeving kan halen. En dat ís hier wel een beetje geconcentreerd.

En als je dan zo de mens hier omschrijft? Je hebt ook een poppetje uitgezocht?

De kerstman. Dat vind ik wel symbool voor “Iedereen mag op zijn of haar manier Kerst beleven.” Met de gemene deler dat er toch nog wat méér ambitie op de Zuidas door míj wordt gevoeld.

De ziel doet er vaak lang over om iets te leren. Welke kwaliteit van leven wordt hier eigenlijk over het hoofd gezien?

De ontwikkelingen op de Zuidas gaan een beetje met de lift. En wat komt er met de trap achteraan? Dat is dan het invullen van al die vakjes en al die kaders, dat wat wij de georganiseerde samenleving noemen. Als ik heel eerlijk ben vind ik dat het hier aan niets ontbreekt. En waar het wél aan ontbreekt, daar zijn allerlei initiatieven om daar invulling aan te geven. Één van de eerste dingen op de Zuidas –en wat ik toch een monument vind op de Zuidas– is natuurlijk De Nieuwe Poort waar men probeert een stuk geweten te bundelen wat betreft de mensen die wonen en werken op de Zuidas. Maar ik zie dat ook in een breder verband gebeuren: dat groepen mensen, een buurtvereniging, een soort burgerinitiatief gaan ontwikkelen. En je kan wel vinden dat hier een groot park moet zijn, maar daar is de ruimte niet voor. Dat park dat hebben we gewoon op loopafstand, hebben we dat hier liggen. Het mooiste park, het Beatrixpark, dat is in de buurt. En binnen de ontwikkeling van de Zuidas, kijk naar de Circl –wat een geweldig gebouw dat is met een geweldig verhaal erachter, waar het dak zó vergroend is, dat als het er niet had gestaan, dan hadden we daar toch een heleboel groen aan gemist. En wat er dan ontbreekt? Ja. Door de compactheid van de stad, bedenk ik me: “Oh, wat jammer dat mensen die hier elke dag werken, zo weinig een relatie kunnen hebben met het buitengebeuren.” Je moet écht naar buiten toe, de pleinen opzoeken, om te weten hoe het weer is. Daarom vind ik die vergroening van de daken, dat vind ik een ongelooflijk positieve ontwikkeling. En ik hoop je een keer mee te mogen nemen naar het dak hiernaast op de Boelelaan. Ja. Dat is zo’n prachtige daktuin. Ja. Daar, dat is gigantisch. En dat is voor heel veel mensen verborgen. Maar het ìs er wel. En dat is toch een spin-off van de Zuidas. Het gaat ook de weg over. Het gaat steeds een beetje verder. Misschien, over 100 jaar is het zo geheel geïntegreerd in dit gebied.

En als er nou iets is wat op de Zuidas wél begrepen wordt. Wat al wél geleefd wordt, wat is dát dan?

Een heel liberaal uitganspunt: dat je heel hard moet werken voor je geld, om dingen voor elkaar te krijgen. En ik denk dat jij met jouw bedrijf op de Zuidas daar een bijzonder voorbeeld van bent. Dat je gewoon ook de lef moet hebben om hier te beginnen. Dat je gewoon bij de bron gaat zitten. Dan gaat het lukken! Je moet natuurlijk niet de goden verzoeken alleen maar in de zin van “Ik moet iets.” maar je kan wel de goden vragen of je iets mag. En als je dat vraagt en je gelooft daarin, dan gaat ‘t gebeuren. En dat is mooi. We zijn niet alleen maar een vermaterialisering van gebouwen, gedachten en weet ik wat. Maar we zijn ook nog mens. En mensen zijn natuurlijk hele bijzondere wezens die met hun geestkracht ook nog in staat zijn om misschien wel het bovenmenselijke een plekje te geven. Dingen [te] manifesteren. Misschien klinkt dat een beetje esoterisch en een beetje magisch allemaal, maar misschien is dat wel onze grote innerlijke kracht. Kijk, die torens, die groeien hier vanzelf wel. Dat is een technisch trucje. Ja. Dat is ook interessant. Mooi! Ik kan er met verbazing naar kijken. Ik ben ook geïnteresseerd in hoe dat gaat. En hoe dat werkt. En hoe mensen dat allemaal voor elkaar krijgen. Maar de invulling van de gebouwen, van zo’n gebied, daar[in] moet je jezelf meenemen. En dan gaat het ook weer niet zonder elkaar. Want zonder elkaar, tja, tja, waar zíjn we dan?

En als we dit gesprek dan zo samenvatten over de ziel van de Zuidas? Wat kunnen we daar dan over zeggen?

Nou, dat we elkaar kunnen feliciteren dat wij hier zitten. Dat wíj daar getuige van mogen zijn. En ik lig niet vaak wakker, maar ik kan er weleens van wakker liggen, dat ik denk van “Jeej, ik wil ‘t zien over 50 jaar.” En dat wens ik u van harte toe. Dat je dat mag beleven. Ik zal ‘t niet meer beleven, maar daar kan ik zó ongelooflijk nieuwsgierig naar zijn. Dat lijkt me geweldig! En dan denk ik dat we geslaagd zijn.

En wat zou het dan geslaagd maken?

Kunst en natuur zijn voor mij twee hele wezenlijke elementen waartussen het leven zich afspeelt. Oftewel, dat prachtige laagje vernis wat over onze beschaving ligt. Dat is iets waar[van] ik hoop dat dat nog meer geïmplementeerd wordt in de ontwikkeling van de Zuidas.

Daarmee maakt het wát beter?

Kunst maakt dat mensen geconfronteerd worden op een non-verbale wijze met iets waardoor ze aangezet worden om na te denken over (a) wat ze zien en wat het betekent, wat voor relatie het schept met de omgeving en (b) wat voor relatie het schept met henzelf. Ik zie hier legio kansen! En wij hebben allebei het gevoel dat we een bijdrage willen leveren aan de verdere ontwikkeling van het gebied. En waarom willen we dat nou zo graag? Het is altijd leuk om de eerste te zijn! Wij staan aan de basis van iets geweldigs. En dat wordt gevoeld. En mensen werken en handelen daarnaar. We hebben nog steeds geen politiebureau op de Zuidas. Dus wat dat betreft is wat er gebeurt –generaliserend gesproken– heel erg positief. Heel erg in de plus.

Wat leuk dat je mij herinnert aan dat pionieren! En ik wil je nog één ding vragen: aan wie jij het stokje door wil geven?

Andrea Raken. Dat is een bijzondere vrouw die hier een appartement heeft, dus “buurtbewoner” is op de Zuidas. En het initiatief heeft genomen om te kijken of we wat meer kunst kunnen krijgen in de openbare ruimte. Betrokken bij de ZAP, the Zuidas Art Project. En ik wil graag aan háár het stokje doorgeven.

Als jij het kaartje wil schrijven?

Bedankt Anton!

WIL JE MEEDOEN?

Ben je uitgenodigd? Heb je interesse om te sponsoren? Bekijk en download onder meer informatie.

MEER WETEN?

E-mail me op oscar@westravanholthe.com of bel en/of whatsapp me direct op +31 (0) 616261381.

One thought on “Anton Meester op zoek naar de ziel van de Zuidas

Comments are closed.